In ziekte en gezondheid in het veen

Door: Hilde Boon

Soms kom je tijdens het uitwerken van je stamboom vreemde connecties tegen, die in eerste instantie lastig te verklaren zijn. Zo dacht ik onlangs heel even op een heus moordmysterie te stuiten, al kan dat ook komen doordat ik in mijn leven iets te veel detectives heb gekeken. Hoe het werkelijk zat blijft gissen, maar de meest waarschijnlijke verklaring is eerder ontnuchterend dan spannend.

Deze geschiedenis begint in het veen

Of eigenlijk: Het Veen, een buurtschap bij Muntendam. Gelegen in, juist, het veen. Muntendam, een van oorsprong middeleeuws dorp, ligt net op de rand van de Oude Groninger Veenkoloniën. Tot de grootschalige ontginning van het “Bourtanger” veenmoeras in de 17e eeuw was het een nederzetting aan de rand van de bewoonde wereld. De ontginning en turfwinning trokken arbeiders uit de wijde omgeving, waaronder ook uit het Duitse grensgebied. Toen de meeste turf eenmaal was gestoken, bleven velen om de nieuw ontstane akkers te bewerken. Hier, in Het Veen, werd Hendrikje geboren.

Uitsnede van de topografische militaire kaart (bonnebladen) uit het eind van de 19e eeuw. Goed te zien is het verschil tussen de langgestrekte verkaveling van de Veenkoloniën ten westen van Muntendam en de oudere, kleinschaliger verkavelingsstructuur van het Oldambt aan de oostkant  (via http://www.topotijdreis.nl).

Hendrikje en haar familie

Hendrikje was een zus van mijn overgrootvader. Ze werd geboren in 1880, uit families die al generaties in de Veenkoloniën woonden: ze kwamen uit o.a. Veendam, Zuidbroek, Sappemeer, Trips- en Borgercompagnie. Het waren arbeidersgezinnen met veel kinderen, die op het land werkten. Hendrikje had tien broers en zussen, waarvan twee jong stierven: een naamloos gebleven kind in het kraambed en Arend, slechts twintig maanden oud. Zes weken na Arends overlijden werd mijn overgrootvader Arent geboren.

Hendrikje was het vijfde kind in het gezin in vijf jaar tijd, en de vierde – van vier meisjes – die de geboorte overleefde. Haar moeder, bijna continu zwanger, staat in archiefstukken vermeld als “werkvrouw”. Ze werkte naast en tijdens haar zwangerschappen om wat geld te verdienen. Haar man was arbeider en verdiende jaarrond waarschijnlijk amper genoeg om het gezin te laten overleven. In de tweede helft van de 19e eeuw was dat voor veel arbeidersgezinnen de harde realiteit, door stijgende prijzen tegenover dalende lonen.

Hendrikjes huwelijken

Hendrikje werkte als dienstbode en trouwde op haar 28e met Stefanus Mulder uit Meeden, zoon van een fabrieksarbeider. Ze trouwden in Veendam in 1908 en kregen daar een dochter, waarna ze terugkeerden naar Muntendam. In totaal kregen ze zeven kinderen, waarvan slechts twee dochters, Annechien en Roelfina, de volwassen leeftijd bereikten.

Stefanus overleed jong, op 37-jarige leeftijd. Een jaar later hertrouwde Hendrikje, toen 39, met de 33-jarige rijwielhersteller Frederik Mulder, weduwnaar van Jantje Knip.

Een wirwar van Mulders en Knipsen

Wat opvalt: de naam Mulder. Een veel voorkomende naam in dit deel van de Veenkoloniën. Veel Mulders waren familie van elkaar. Frederik en Stefanus waren echter géén familie van elkaar.

Frederik was dan weer wel een zoon van mijn betovergrootvader Jan Mulder, wiens dochter Saartje (mijn overgrootmoeder) trouwde met een broer van Hendrikje. En om het nog ingewikkelder te maken: Frederika, de zus van Jantje Knip, was ook getrouwd met een Frederik Mulder. Deze Frederik was een neef van Frederik en Saartje aan vaders kant, en een verre neef van Hendrikje aan moeders kant. Volgt u het nog?

Het is aannemelijk dat deze mensen elkaar allemaal kenden; ze maakten deel uit van dezelfde uitgebreide familie en gemeenschap. Dat weduwe Hendrikje en weduwnaar Frederik elkaar vonden, is dus niet zo vreemd.

Het raadsel van twee overlijdens

Het tweede opvallende detail: Stefanus en Jantje overleden een dag na elkaar. In het overlijdensregister staan ze zelfs onder elkaar op dezelfde pagina, en aangegeven door dezelfde twee personen. Twee mensen die vrijwel tegelijk stierven, en hun echtgenoten die een jaar later met elkaar trouwden. Wat is hier gebeurd?

Mijn fantasie sloeg op hol. Ik dacht aan Hitchcock’s Strangers on a Train, waarin twee vreemden afspreken elkaars partner te vermoorden. Of misschien een ongeval, een ramp? Sloeg de vonk over in de gangen van het ziekenhuis? Bewijs voor zulke wilde theorieën had ik echter niet.

De werkelijkheid: een pandemie

Ik zat met een raadsel. Vennoot Michèl, chef genealogie en Agatha Christie-fanaat, suggereerde simpelweg om kranten uit die periode te raadplegen, om te achterhalen of er een specifieke gebeurtenis aan hun dood ten grondslag lag. Maar toen ik opnieuw naar de overlijdensdata keek, realiseerde ik me dat ik mijn geschiedenislessen was vergeten…

Muntendam in 1918 was niet het middelpunt van de wereld, maar wereldproblemen bereikten ook Oost-Groningen. Zo werden er honderden vluchtelingen uit de Eerste Wereldoorlog gehuisvest. En er was nog iets: de meest dodelijke epidemie in de geschiedenis. De Spaanse griep.

Winschoter courant” 5 november 2018 (via www.delpher.nl). Jantje was 30 jaar oud, bijna 31, al was ze volgens haar rouwadvertentie bijna 32.  

Jantje en Stefanus waren niet de enige die overleden in het najaar van 1918. In kranten uit die tijd zie je pagina’s vol rouwberichten van jonge mensen, veelal twintigers, overleden na een kort ziekbed. Soms zelfs meerdere jongvolwassen kinderen uit één gezin in een week tijd. In Muntendam steeg het sterftecijfer schrikbarend: van gemiddeld vier overlijdens per maand in de zomer van 1917 naar vier tot zes per dag in oktober en november 1918.

Vanaf mei 1918 tot 1920 sloeg de Spaanse griep onverbiddelijk om zich heen. De epidemie, die Europa waarschijnlijk via Amerikaanse troepen had bereikt, kostte wereldwijd 50 tot 100 miljoen mensen het leven; in Nederland zo’n 38.000 (4 op de 1000 mensen). Vooral jonge mensen tussen 20 en 24, kinderen tot 5 jaar en ouderen boven de 70 werden getroffen. Door oorlogsomstandigheden, voedseltekorten en verplaatsingen van arbeiders en vluchtelingen verspreidde het virus zich razendsnel, ook in neutraal Nederland. Drenthe werd het zwaarst getroffen; op het platteland, vooral in arme veengebieden, vielen de meeste doden.[i]

“Het Volk”, 06-11-1918 (via www.delpher.nl)

Rotterdamsch Dagblad” 02-11-1918 (via www.delpher.nl)

Praktische keuzes in zware tijden

Jantje en Frederik hadden bij haar overlijden vier kinderen onder de tien. Hun oudste zoon Jan stierf in december 1918. Voor Frederik was het praktisch noodzakelijk om iemand te vinden die voor zijn drie jonge kinderen kon zorgen. Hendrikje, met twee jonge dochters, had op haar beurt een kostwinner nodig. Dat zij een jaar later trouwden, was dus logisch. Geheel liefdeloos hoefde het huwelijk ook niet te zijn geweest; er zijn in elk geval nog twee zoons uit geboren.

Na deze zware periode zagen Hendrikje en Frederik samen zeven kinderen volwassen worden. Frederik overleed in 1946, 60 jaar oud, na een ziekbed. Hendrikje stierf op Valentijnsdag 1950, 69 jaar oud.

Een leven in Het Veen was geen makkelijk leven, zeker niet in het begin van de twintigste eeuw. En toch laat dit verhaal zien hoe veerkracht en verbondenheid mensen door de donkerste tijden heen kunnen dragen.


[i] I. van de Wijdeven 2020, update 2025. De Spaanse griep in Nederland. www.historischnieuwsblad.nl  

stamboomgegevens via www.allegroningers.nl