
door: Hilde Boon
Het is u vast niet ontgaan dat onze bedrijfsnaam “Deze&Genen” een woordspeling is die op meerdere niveaus werkt. Behalve de duidelijke koppeling met het DNA-onderzoek dat we doen, maak ik zelf vaak de grap dat ik van onze drie vennoten één van de “Genen” ben, sterker nog: in mijn linked-in profiel noem ik mezelf onder meer “gene” bij “Deze&Genen”.
Helemaal uit de lucht gegrepen is die benaming overigens niet, aangezien mijn oudmoeder (de moeder van mijn betovergrootmoeder) – jawel- Geene heette. Hoe leuk, dacht ik, zou het zijn om daar eens over te schrijven voor de website? Dus, dacht ik, dat zoeken we wel even uit.
En als een ware Alice in Wonderland dook ik een konijnenhol in…
De stamboom in
Mijn oudmoeder heette Adriana Antonia Geene en was geboren op 4 maart 1856 in Den Bosch. Volgens het geboorteregister waren haar ouders Jacobus Geene en Catharina Valentijn, respectievelijk geboren te Den Bosch en Vlijmen. De vader van Jacobus, Henricus Gene, wolspinner van beroep, was getrouwd met Catharina Janssen, breister. Henricus was de zoon van Agnita Goverse en Matheus Gene, en gedoopt in Rotterdam. En daar houdt het spoor op.

Stamreeks van de naam Ge(e)ne, op basis van de archiefgegevens uit de historische burgerlijke stand
Of in elk geval houdt het spoor op van de registratie van geboorte, doop, huwelijk en overlijden; de basisgegevens op basis waarvan we een kwartierstaat doorgaans opstellen. Vooral bijzonder is dat er helemaal geen aanvullende gegevens bekend zijn over Henricus’ ouders terwijl zij, of zeker hun nageslacht, in de Franse Tijd hebben geleefd (Napoleon voerde in 1811 in Nederland de burgerlijke stand in). De enige aanwijzing die nog te vinden is, bevindt zich in de huwelijksakte van Henricus en Catharina. Hierin staat aangegeven dat beide ouders van Henricus zijn overleden, Matheus in het laatst van 1794 en Agnita, hier Antonia, weduwe Faesen genoemd, in 1818.
Buiten het doopregister van Henricus, weten we niets over het bestaan van zijn ouders, maar we weten intussen dus wel dat Agnita, zijn moeder, ook als Antonia door het leven ging, en na (het overlijden van) Matheus nog getrouwd is geweest met ene Faesen.
In de bijlagen behorende bij het huwelijkscontract van Henricus en Catharina staat een volgende aanwijzing: Henricus heeft in het leger gezeten, onder de naam Hendrik Servaas Gevel. En dat terwijl Henricus, als enige zoon van zijn ouders, was vrijgesteld van militaire dienst. Hoe zit dat? En wie was Hendrik Servaas Gevel? Wat voor web heeft onze wolspinner geweven?
Gene of Gevel?
Hendrik Servaas Gevel was de zoon van Johan Frederie(k) Gevel en Antonia Govers en is gedoopt in Rotterdam in 1791. Hij heeft een bewogen carrière in de krijgsmacht gehad. In juli van 1815 trad hij in dienst van het Napoleontische leger als remplaçant (plaatsvervanger tegen betaling) van ene Andries en/of Daniël Sneeuw. Hiervoor ontving Hendrik 400 gulden. In 1816 is hij met verlof uit zijn bataljon vertrokken, en later datzelfde jaar is hij naar het militair depot in Doornik gegaan, waarbij hij deed alsof hij bij zich bij het veldbataljon wilde voegen.
Hij meldde zich bij zijn infanteriebataljon 18 om zijn verlofpas (die hij in Doornik had gekregen) terug te geven, omdat hij geen middel van bestaan kon vinden. Daarop zijn hem zijn militaire kledingstukken teruggegeven, “in ’t vertrouwen zich volgens zijn voorgeven na[ar] Doornik zoude begeven.” Hierdoor werd hij weer als “active soldaat” beschouwd. Na ontvangst van zijn uniform en wapenrusting is hij, in plaats van naar het veldbataljon, echter naar Den Bosch gegaan.
Hendrik zelf beweerde dat hij graag bij zijn oude legeronderdeel wilde terugkeren, maar daar werd weggestuurd. Zijn acties waren volgens hemzelf ontsproten uit armoede: volgens de regels had hij geen recht op reisgeld, terwijl hij zonder geld onmogelijk vanuit Den Bosch Doornik had kunnen bereiken. Hij had dus geen middelen om terug te keren naar zijn eigen bataljon, maar ook geen middelen van bestaan zonder het leger.
En dus trad Hendrik in januari 1817 opnieuw in dienst, maar dit keer onder de identiteit van zijn halfbroer, Henricus Kok, bij het bataljon infanterie van Linie nr. 6 in Utrecht. Hij werd aangenomen als fuselier voor een periode van zes jaar, en kreeg hiervoor 10 gulden handgeld.
Uiteindelijk heeft Hendrik zichzelf op 15 juni 1817 aangegeven als verlofganger (deserteur). Dit deed hij omdat hij volgens zichzelf bij het bataljon “niet voldoen kan en mij dikwijls in arrest bevond.” Wat dat betekende wordt in onderstaande verklaring duidelijk:
Klagten tegen de persoon Hendrik Servaas Gevel, gediend hebbende onder naam van Hendrikus Kok in de eerste kompagnie van het Bataillon infanterie staande Armee No 6 der 5e Afdeling. Gemelde persoon heeft zich gedurende zijne presentie bij het Bataillon en Kompagnie als een slegt sujet gedragen, en is wegens het verkopen van zijne goederen, dronkenschap en andere ongeregelheden verscheide malen met Provoost gestraft geworden. Gemelde persoon heeft zich na het 2e termijn van zijn Handgeld te hebben ontfangen en verteerd aangemeld, te zijn Remplacant van zekere Daniel Sneeuw scheepstimmerman te Waasbeek [Waspik] bij ’s Bosch en behorende tot het Bataillon Infantie Nation: Militie No. 18 in garnisoen te Breda, voorgevende dat hij met groot verlof zijnde, en niets hebbende om van te leven, zich naar zijn bataillon heeft vervoegd, ten einde aldaar te worden aangenomen, doch hem zulks geweigert zijnde, heeft hij zich van de paspoort van zij schoonbroeder Hendrikus Kok bediend, en zich onder dien naam bij het Depôt van het 6e Bataillon te Gouda geangageert. Om welke reden hij den 23 Junij l.l. is gedetineerd voor de Krijgsraad. ’s Hage den 21 July 1817. – De kapitein, kommanderende de Eerste kompagnie van het Bataillon Infanterie Staande Armee No. 6.
De straf voor zijn desertie bestond uit honderd rietslagen; het ontnemen van zijn Kokarde (legerinsigne), die hij twaalf maanden lang niet mocht dragen; en hij werd veroordeeld tot een detentie van tien maanden, waarbij hij de zes laatste dagen van elke maand op water en brood moest leven, alsook geboeid moest zijn in ketens.
Op 15 maart 1820 is Hendrik Servaas Gevel ontslagen uit militaire dienst met paspoort. Nog geen jaar later, in januari 1821, moest hij in ’s Hertogenbosch alweer voor de rechtbank verschijnen, omdat hij zich “[…]in de nacht tussen 26 en 27 augustus schuldig [heeft] gemaakt aan de ontvreemding van een blauwe lakenschejas, toebehorende aan Antonie Schampers, overmansknecht bij de stalhouder Roeland alhier” In maart 1821 is hij hiervoor veroordeeld tot een jaar tuchthuis, waar hij uiteindelijk op 1 juni 1822 uit ontslagen is.
En dachten we dat Hendrik klaar was met de krijgsmacht, dan hadden we het mis. In mei van 1823 engageerde hij zich vrijwillig bij de landmacht in Harderwijk voor de duur van 6 jaar. Dit hield hij echter niet vol. In juli van 1823 kwam hij niet terug van kortstondig verlof. Op 3 juli 1823 werd hij, opnieuw onder een andere identiteit, aangenomen als kannonnier. Zijn nieuwe naam? Henricus Gene.
Ook dit keer was Hendriks bedrog van korte duur, want in augustus 1823 is hij bij het algemeen depot der landmacht no 33 opnieuw afgevoerd als deserteur en op 3 april 1824 “weder in de sterkte gebracht”.
Ontslag, huwelijk en nogmaals detentie
Hendrik Servaas Gevel, alias Henricus Gene is op 17 mei 1824 opnieuw veroordeeld: tot het verlies van zijn kokarde, het hoogste getal rietjes slagen en veertien dagen detentie, waarna ontslag volgde. Op 2 juli 1824 is hij “met een briefje van ontslag weggezonden.”
Hij vond zijn weg terug van Harderwijk naar ’s Hertogenbosch, waar Henricus Gene in augustus werd ingeschreven in het bevolkingsregister:
[…] ingeschreven den 30 juli 1824. Heeft alhier van zijne kindsche jeugd gewoond, doch een wijl de stad verlaten hebbende, is hij bij de opschrijving van 1822, op het bevolkingsbiljet niet kunnen gebragt worden. Den 28 april 1824 is Henricus Gene en zijn geheel huisgezin naar Deventer vertrokken, vide Burger reg. Waar zijn vrouw in 1822 heeft gewoond, heeft hij niet weten aan te geven. Dus is daarvan geen aantekening kunnen gemaakt worden.
Opvallend is dat er al over zijn vrouw gesproken werd, want Henricus Gene en Catharina Janssen gingen pas eind augustus en half september 1824 in ondertrouw (in Harderwijk en ’s Hertogenbosch), en trouwden op 24 september in ’s Hertogenbosch. Hierbij zijn twee kinderen van Catharina Janssen gewettigd. Eén van deze kinderen is mijn voorvader Jacobus, geboren 6 januari 1822.
Na hun huwelijk kregen Henricus en Catharina nog twee kinderen, een jongen en een meisje, in resp. 1825 en 1827. Maar het gezinsleven heeft Henricus schijnbaar niet op het rechte pad gebracht, want het volgende dat we over hem kunnen vinden, is zijn aankomst in de strafkolonie Ommerschans, in juni 1829.
In november van dat jaar deed hij een verzoek tot rehabilitatie, maar dat werd afgewezen, onder de volgende verklaring:
[…]overwegende dat de adressant zowel uit hoofde van de door hem ondergane tuchthuisstraf als voor zijn bedriegelijke handelswijze voor de militaire dienst niet meer in aanmerking kan komen. Brengt ter kennis van de adressant dat aan zijn verlangen niet kan worden voldaan.
Geheel volgens karakter deserteerde hij vervolgens in maart 1830. Lang heeft hij echter niet van zijn vrijheid kunnen genieten, want hij overleed op 3 december 1831, in ’s Hertogenbosch. Zijn twee jongste kinderen waren toen al overleden; Catharina overleed in 1836.
Ben ik nou wel of geen Gene?
Hoe zit het nu met de identiteit van onze Hendrik/Henricus?
Bij de ondertrouw van Henricus en Catharina in Harderwijk werd de situatie van de aliassen nog eens aangehaald:
Henricus Gene, oud dertig jaren, van beroep wolspinner, geboren te Rotterdam, woonachtig te ’s Hertogenbosch, onlangs in Garnizoen alhier (Harderwijk), in den naam van Hendrik Servaas Gevel, bij het algemeen depot der landmacht no 33, zoon van Matheus Gene en van Agnita Govers, beide overleden.
Hieruit blijkt dat het niet anders kan of Henricus Gene en Hendrik Servaas Gevel zijn één en dezelfde persoon. De enige consistente factor bij alle aliassen lijkt de naam van zijn moeder te zijn, Agnita of Antonia Govers. De naam van zijn vader wisselt bij elk alias. Wellicht werpt het uitwerken van de familie van Antonia wat licht op de zaak:

De drie huwelijken en daaruit voortkomende kinderen van Antonia Govers
Op basis hiervan lijkt het duidelijk dat Agnita eigenlijk Antonia Govers was. Maar waar komt Henricus Gene dan vandaan? Voor deze verklaring moeten we terug naar waar we gestokt waren: het doopregister in Rotterdam.
Terug naar Rotterdam
We weten dat Hendrik/Henricus in de jaren ’90 van de 18e eeuw is geboren in Rotterdam. En we weten dat de naam van zijn moeder Agnita of Antonia Govers was. Er is uit die tijd nog geen burgerlijke stand, want vóór de Franse tijd. Maar er zijn wel doopregisters. En die tonen aan dat Henricus Servatius Johan Gevel, zoon van Johan Frederie Gevel (miles) en Antonia Govers, is gedoopt op 23 december 1791 (getuige van deze doop was ene Reinerus Vaas: de derde echtgenoot van Antonia?). Henricus Gene, zoon van Matheus Gene en Agneta Goverse, is gedoopt op 29 juni 1794. Op 11 juli 1797 is Henricus Genê, zoon van Mattheus Genê en Agnes Hobesse gedoopt. Alle drie in Rotterdam.
Op de inschrijving in het leger van Napoleon staat dat Henri Servaas Gevel geboren zou zijn op 7 maart 1793, als zoon van (verfranst) Antoine Gevel en Antoinette Govert. Ook bij zijn eerste desertie-vonnis in 1817 werden Hendriks ouders vermeld als Antoni Bernardus en Antonia Govers.
Het lijkt erop dat we te maken hebben met twee families, die, wellicht in voorbereiding op het huwelijk van Hendrik en Catharina, door elkaar zijn gehaald. Immers waren de ouders van Hendrik ten tijde van het voorgenomen huwelijk al overleden. Hendrik scheen niet goed te weten wanneer hij nou eigenlijk geboren was, getuige ook de afwijkende geboortedatum bij zijn aanmelding als militair. Het alias Henricus Gene verschijnt als eerste in 1823, een jaar voordat Henricus en Catharina in het huwelijksbootje stapten. Een inschrijving in het doopregister was waarschijnlijk nodig voor het huwelijk, en iemand bij de kerk in Rotterdam heeft de verkeerde akte aangeleverd. En zo werd Hendrik Govers Henricus Gene.
Maar wat is er gebeurd met de échte Henricus Gene?
De eveneens Rooms-Katholieke Matthias/Mattheus/Matthijs Ge(e)ne(n) (geb. te Heel (Limburg) ca. 1767) en Angenieta/Agnes Hoobesen/Hobus/Hobesse (geb. te Heythuysen ca. 1771) hebben te Rotterdam maar liefst 11 kinderen laten dopen, waarvan het merendeel hun kindertijd niet overleefd heeft. Van deze elf kinderen zijn maar liefst zes zoons Henricus genoemd. De eerste is geboren in 1794 (overleden in 1796); de tweede in 1797 (overleden in 1798). Hendrik Gevel heeft de identiteit van de oudste Henricus overgenomen. De namen van de ouders waren gelijkend genoeg, dat het niet opviel.
Geen genetische gene
Mijn zoektocht, en het doel om mijn familie Gene uit te zoeken heeft een bijzondere uitkomst gekregen. De naam van mijn oudmoeder zou eigenlijk niet Gene moeten zijn. Haar grootmoeder, Catharina Janssen, trouwde met een man die geboren was als Hendrik Servaas Gevel. De zoon van Catharina, Jacobus (Geene), is geboren op 6 januari 1822. Twee jaar en 9 maanden vóór het huwelijk van Hendrik en Catharina. Hendrik heeft Jacobus gewettigd, maar kan hij ook de biologische vader zijn geweest van Jacobus? Dan zouden we moeten weten waar Jacobus was in april 1821. Dankzij de vele wandaden van Hendrik, weten we dat hij in het voorjaar van 1821 een straf uitzat in het tuchthuis van ’s Hertogenbosch, voor het stelen van een blauwe scharlakense jas. De kans is erg klein dat hij in gevangenschap een kind verwekt heeft.
Wie dan wel de vader is van mijn voorouder Jacobus? Geen idee. De aanmelding van het kind bij de burgerlijke stand is gedaan door twee jonge (buur)mannen, van omstreeks de leeftijd van Catharina. Het is niet ondenkbaar dat één van deze twee mannen de eigenlijke genetische voorouder is. Wat wel duidelijk is: het was geen Geene.
Geraadpleegde archieven: Brabants Historisch Informatie Centrum; Stadsarchief Rotterdam; West Brabants archief; Erfgoed ’s Hertogenbosch; Historisch centrum Limburg; Drents archief; Collectie Overijssel; Nationaal archief
Neem contact op (hilde@deze-genen.nl) als u belang heeft bij een uitgebreide bronverwijzing.
Noot van auteur: Ik ben zeer dankbaar voor de hulp van Michèl de Jong bij het boven tafel krijgen van de feiten en het grondige onderzoek en interpretaties waarmee hij heeft geholpen mijn vragen te beantwoorden. De tekst is echter van mijn hand, en eventuele fouten, aannames en slechte woordspelingen zijn geheel en al van mij.
(c) Deze&Genen 2025
